Dossier Kustbescherming

Traditionele vormen van kustbescherming zoals zandopspuitingen, dijken en dammen worden sterk in vraag gesteld wegens de hoge onderhoudskost, beperkte flexibiliteit en negatieve ecologische impact. Daarom worden natuurlijke alternatieven getest, die werken mét in plaats van tegen de natuur.

Beach at ebb tide, with mason worms visible

Wat doet ILVO?

  • Underwater with profile of seabed
    ILVO onderzoekt de impact van kustverdedigingsactiviteiten zoals zandopspuitingen, vooroeversuppleties, de bouw van stormvloedkeringen e.a.

Traditionele vormen van kustverdediging

Kustbescherming moet een afdoende afweer tegen de zee garanderen en daarbij rekening houden met de klimaatverandering en de stijgende zeespiegel. Daarvoor zijn er twee types gangbare maatregelen:

  1. Harde maatregelen zoals de aanleg van dijken, strandhoofden en stormvloedkeringen.
  2. Zachte maatregelen zoals strand- en vooroeversuppleties (het aanvoeren van zand door opspuitingen op het strand of onder de laagwaterlijn) en de bescherming en het herstel van natuurlijke duinengordels.

Op een aantal van deze maatregelen komt kritiek, want veel van de traditionele technieken zijn niet duurzaam en blijken niet kosten-efficiënt. Bijgevolg is er steeds meer vraag naar natuurlijke of op de natuur geïnspireerde technieken.

Wat is het probleem?

Wereldwijd wordt de impact van de klimaatsverandering hard gevoeld in de kustgebieden, met stijgende zeespiegels en extreem weer. Kustverdediging wordt daardoor steeds belangrijker, maar veel van de traditionele technieken zijn allesbehalve duurzaam. Zo wordt er veel brandstof verbruikt (en dus veel CO2 geproduceerd) door de schepen die zand aanvoeren en is er een aanzienlijke milieu-impact, onder andere door de introductie van harde structuren of door het bedelven (en mogelijks verstikken) van strand- en zeefauna. Suppleties blijken vaak ook instabiel, waardoor bij stormen grote hoeveelheden zand worden weggespoeld en kliffen ontstaan.

Storm Odette
Stormen veroorzaken kliffen op het strand. Foto Jan Couwyzer

Wat is de impact van constructie- en onderhoudswerken?

Om kustverdediging te kunnen verduurzamen moet je de milieu-impact van de bestaande maatregelen in kaart brengen en ze vervolgens proberen te verminderen. Zo bleek uit een studie van ILVO en UGent dat vooroeversuppleties onder bepaalde omstandigheden minder schadelijk zijn dan strandsuppleties voor de fauna die in de bodem leven. Dankzij die studie wordt dit nu mee in de weegschaal gelegd bij beslissingen over uit te voeren werken.

Monitoring van milieueffecten is overigens verplicht bij de uitvoering van harde en zachte maatregelen, zoals bijvoorbeeld de recente bouw van een stormvloedkering in Nieuwspoort. ILVO voert in dat geval impactstudies uit op basis van monitoring voorafgaand, tijdens en na de werken, en via vergelijking van de werkzones met gelijkaardige controlegebieden.

Opspoelen bodemstaal
Bemonstering van de zeebodem. Door het spoelen met water worden de aanwezige bodemdieren zichtbaar. Foto Coastbusters2.0

Kustverdediging op de natuur geïnspireerd

Een andere manier om kustverdediging te verduurzamen is het ontwikkelen van innovatieve technieken. In het ambitieuze project Coastbusters gingen partners DEME, ILVO, eCoast, Sioen en Jan De Nul op zoek naar systemen voor kustverdediging die geïnspireerd zijn op, en werken mét de natuur. Ze experimenteerden met de aanleg van specifieke omgevingen voor bio-bouwers van waaruit natuurlijke riffen konden ontwikkelen. Die riffen vormen dan de basis voor een ecosysteem-gebaseerde kustbescherming.

Hieronder kan u een video bekijken over het project Coastbusters.

Specifiek werd in dit project het potentieel van drie bio-bouwers uitgetest:

  1. Mariene planten zoals zeewier en zeegras
  2. Schelpkokerwormen, met onderzoek naar de kweek en het vasthechtingsproces bij jonge stadia
  3. Schelpdieren, met een veelbelovend veldexperiment met mosselen aan de hand van aquacultuurtechnieken

Die bio-bouwers vormen dichte clusters, die de bodem stabiliseren en zand vasthouden, en op die manier dus de kust kunnen helpen beschermen tegen stormen.

De resultaten met mosselbanken waren zo veelbelovend, dat intussen een Coastbusters 2.0 werd opgericht. Hierin wordt nader bekeken hoe de omgeving moet worden ingericht (design) en welk materiaal (textiel) het best geschikt is voor mosselen om zich vast te hechten in de woeste omstandigheden van de Noordzee.

Dropper lines Coastbusters2.0
Proefopstelling met mosselen. Foto VLIZ - Coastbusters2.0

Kustzonebeheer

Dankzij dit en ander onderzoek is ILVO een belangrijke speler geworden in het netwerk van onderzoekers, beleidsmensen, bedrijven en overheidsinstanties die werken rond kustbescherming. Dit netwerk heet Ecosystem-Based Integrated Coastal Zone Adaptation and Management (EB-ICZA&M) en werkt intens aan een meer geïntegreerde en regionale aanpak voor kustbescherming. Dat is belangrijk, gezien de klimaatsverandering en de bijbehorende stijgende zeespiegel en frequentere stormen.

Ook interessant

Wettelijke informatie