Mededeling Vissersvaartuig van de Toekomst
Inzichten en aanbevelingen voor energiezuinige en toekomstgerichte vissersvaartuigen - Eindrapport
Het project Vissersvaartuig van de Toekomst onderzocht hoe de Vlaamse visserijsector minder afhankelijk kan worden van fossiele brandstoffen. Binnen het project werden VISTools-data van 20 vissersvaartuigen geanalyseerd om inzicht te krijgen in de factoren die het brandstofverbruik bepalen en om concrete aanbevelingen te formuleren voor reders en toekomstige vaartuigontwerpen.
Uit de analyses blijkt dat het brandstofverbruik voornamelijk wordt beïnvloed door operationele keuzes, zoals snelheid en vistuigweerstand. Vooral de weerstand van het vistuig en de vaarsnelheid hebben een grote impact op het verbruik. Ook omgevingsfactoren verhogen het brandstofverbruik aanzienlijk. Stroming heeft hierbij de grootste invloed. Daarnaast werd vastgesteld dat vaartuigen met een kleinere blokcoëfficiënt (die de rompvorm bepaalt) minder brandstof verbruiken dan deze met een hogere blokcoëfficiënt.
Het project identificeerde verschillende praktische “quick wins” die op korte termijn kunnen bijdragen aan brandstofbesparing. Voorbeelden hiervan zijn het optimaliseren van vaarsnelheden, het beperken van vistuigweerstand, een beter onderhoud van de romp (eventueel met coatings), en trajectoptimalisatie op basis van stromingen en getijden.
Daarnaast werd onderzocht welke alternatieve brandstoffen het meest geschikt zijn voor de Belgische visserij. Verschillende opties, waaronder hernieuwbare dieselvarianten, methanol, methaan, waterstof, ammoniak en batterij-elektrische aandrijving, werden vergeleken op vlak van beschikbaarheid, kostprijs, infrastructuur, technische haalbaarheid, veiligheid en klimaatimpact. Uit deze vergelijking blijkt dat hernieuwbare dieselvarianten en biomethanol momenteel de meest haalbare alternatieven zijn voor de sector. Vooral een methanol/diesel dual-fuelsysteem biedt perspectief omdat het een aanzienlijke CO₂-reductie mogelijk maakt zonder de operationele autonomie van de vaartuigen sterk te beperken.
Binnen een case study werd een klassieke Belgische kotter theoretisch uitgerust met een methanol/diesel dualfuelsysteem via Port Fuel Injection (PFI). De analyse toont aan dat deze oplossing technisch haalbaar is voor retrofit. Voor dit vaartuig zou een methanolenergiefractie van 40 tot 70% mogelijk zijn, met een geschatte jaarlijkse CO₂-reductie van 856 ton CO₂ (56%). Het vaartuig kan dan, indien dezelfde tankgrootte behouden blijft, nog 16 dagen varen. Bij het niet-gemodificeerde vaartuig is dit 26 dagen. Als het vaartuig toch dezelfde autonomie moet behouden, stijgt het tankvolume van 92 m3 naar 147 m3. In vergelijking met waterstof- en batterij-elektrische systemen bleek methanol de enige realistische optie voor de typische grote Belgische kotter op middellange termijn.
Het project bracht ook de praktische en juridische beperkingen voor de ontwikkeling van toekomstgerichte vissersvaartuigen in kaart. Europese en Vlaamse regelgeving rond vlootcapaciteit, motorvermogen en nieuwbouw beperken vandaag de mogelijkheden voor innovatieve ontwerpen en retrofitprojecten.
De resultaten van dit project werden gecommuniceerd naar reders via aangepaste jaarlijkse brandstofrapporten. Hierin vinden reders de “quick wins” terug en kunnen ze hun verbruik vergelijken met geanonimiseerde gelijkaardige vaartuigen. Daarnaast wordt het project breder gecommuniceerd via dit eindrapport en vormt het een basis voor vervolgonderzoek naar energie-efficiënte en duurzamere vissersvaartuigen.
Lees het volledige rapport
Inzichten en aanbevelingen voor energiezuinige en toekomstgerichte vissersvaartuigen - Eindrapport